Highlights


HIGHLIGHTS VAN DINSDAG 21 NOVEMBER 2017

Video-impressie van de eerste dag:

 

Highlights van de sessies

In de ontbijtsessie nam dr. de Lange de zaal mee door de mutaties van het niet-kleincellig longcarcinoom, waarbij een nieuwe methode ten aanzien van de diagnostiek werd belicht; de liquid biopsie. Alle mutaties hebben een eigen behandeling en indien de patiënt progressief is kan het zijn dat er een nieuwe mutatie aanwezig is. Waarvoor er opnieuw een EGFR remmer of TKI kan worden ingezet. 

Opening 36ste oncologiedagen door Ingrid de Graaf

In de plenaire opening verwelkomt Cora Vegter, voorzitter V&VN Oncologie, het 3000e lid van de vereniging. Olympisch en wereldkampioen openwaterzwemmen Maarten van der Weijden vertelt over de belangrijke rol die oncologie-verpleegkundigen speelden tijdens de periode dat hij werd behandeld voor leukemie. Hij overhandigt het eerste exemplaar van Bloedserieus, een magazine over kanker en trombose, aan de voorzitter. Lena Sharp, voorzitter van de EONS, licht ons in over kankerverpleging in Europa en roept ons op om mee te doen naar een onderzoek onder Europese oncologie-verpleegkundigen, op het V&VN Plein. René Bernards geeft een pleidooi om het reduceren van de kosten van dure geneesmiddelen verder te onderzoeken.
Maarten van der Weijden biedt tijdschrift 'bloedserieus' aan aan Cora Vegter

In sessie 3 praat Willem de Blok ons bij over ontwikkelingen in de behandeling van niet-spierinvasief blaascarcinoom. Door een tekort aan BCG in 2014 en 2017 ontstond de noodzaak om te zoeken naar alternatieve behandel-mogelijkheden. Blaasspoelingen met verwarmde chemotherapie lijken een goede optie. Drs. Arthur Braat vertelt over ontwikkelingen in de nucleaire geneeskunde bij prostaatcarcinoom. Met behulp van afbeeldingen wordt duidelijk weergegeven dat er op de PSMA scan meer metastasen worden gezien dan op een reguliere botscan.

Dr. Marcel Stokkel legt in sessie 4 uit op welke manier nucleaire geneeskunde bij neuro-endocriene tumoren (NET) wordt ingezet. NET kenmerken zich door een langzame groei en een snelle metastasering en komen vooral voor in dunne darm, pancreas, long en rectum. Door het inzetten van specifieke PET-tracers, zoals Gallium-68 en Lutetium-177, in de diagnose en behandeling van NET kan de progressievrije overleving verbeteren van 8,4 maanden bij een reguliere behandeling naar meer dan 4 jaar. Deze behandeling zal in de toekomst ook beschikbaar komen voor andere tumoren.

Tijdens sessie 6 spreken dr. Stijn Krol en professor dr. Uulke van der Heide over innovatie in de radiotherapie. Bij protonen-bestraling worden alleen aangedane delen bestraald wat latere complicaties voorkomt in tegenstelling tot traditionele bestraling. Hier zijn enkele indicaties voor, er is echter meer onderzoek nodig. Ook de traditionele bestraling met fotonen is de afgelopen jaren verbeterd. Voor en tijdens de bestraling wordt de tumor in beeld gebracht met behulp van MRI en CT. Beeld gestuurde radiotherapie garandeert bestraling op de goede plek.

Nicolien de Clerq vertelt ons in sessie 7 over de fecestransplantatie bij patiënten met een oesophagus- of maagcarcinoom. Deze behandeling beoogt de bacterieflora te herstellen waardoor cachexie afneemt en de weerstand verbetert. De kans op complicaties verkleint, de kans op curatie neemt toe. Een feces-transplantatie kan bestaan uit een transplantatie van eigen feces of feces van een donor. De transplantatie wordt eenmalig toegediend via een maagsonde die uitkomt in het duodenum.

In sessie 10 licht John Bos ons in over het verschil tussen palliatieve sedatie en euthanasie, omdat hij van mening is dat niet iedere arts en verpleegkundige deze verschillen kent. Bij palliatieve sedatie wordt het bewustzijn opzettelijk verlaagd met als doel refractaire symptomen te bestrijden zonder levensverkorting. Bij euthanasie is levensbeëindiging het doel. 

In sessie 12 vertelt dr. Vivian Engelen over de urgentie van PROMs en PREMs voor patiënten, zodat dit een integraal onderdeel van de zorg wordt. Het waarborgen van de privacy en terugkoppeling aan de patiënt zijn onder andere van belang. Drs. Nicole Horevoorts spreekt over de uitkomsten van PROMs en PREMs worden gebruikt om de zorg te verbeteren. Het IKNL biedt een feedbackformule waarin patiënten hun score kunnen vergelijken met patiënten met dezelfde diagnose en met de algemene Nederlandse bevolking.

Sessie in beweging

 Cardiovasculaire risico's in de oncologie worden in sessie 19 belicht door Ineke Sterk. Anthracyclines en trastuzumab zijn berucht vanwege de afname van de ejectiefractie. Maar ook middelen als cisplatin en hormoon-behandelingen kunnen zorgen voor hypertensie en afname van de linkerventrikelfunctie. Steeds meer patiënten hebben te maken met cardiovasculaire problematiek. Dit komt door de vergrijzing, toename en chronische vorm van oncologische aandoeningen waarvoor patiënten behandeld worden met oncolytica.

In sessie 23 vertelt Miriam Koopman over de ontwikkeling van de keuzehulp dikkedarmkanker. De arts geeft in de spreekkamer aan welke behandelopties er zijn. De patiënt vult digitaal de keuzehulp in. Dit wordt gekoppeld aan de behandelopties volgens de arts. Het advies dat hieruit voortkomt gaat mee naar het consult bij de arts. De keuzehulp wordt ingezet bij start van de palliatieve behandeling, maar ook bij progressie. 82% van de patiënten is erg tevreden over de keuzehulp. Artsen zijn ook tevreden; hierbij is een belangrijk aspect dat het geen extra tijd kost in de spreekkamer.

Rosemarie Jansen en drs. Suzanne Kaal praten in sessie 24 over dilemma's waarmee jongvolwassenen met kanker en zorgprofessionals te maken kunnen krijgen. In een casus komen diverse vraagstukken aan bod, zoals ziekte, behandeling, relaties en werk. Er zijn steeds meer (palliatieve) behandelingen mogelijk welke zorgen voor extra belasting voor de patiënt. Wat is het juiste moment van het overgaan van actieve behandeling naar best supportive care?

De bijna provocerende interactieve sessie 3 prikkelt je verpleegkundige zintuigen en laat je nadenken over het begrip 'verpleegkundig leiderschap'. Geleid door Marc Kappers en Emma Brugman worden groepsopdrachten uitgevoerd met als doel de deelnemers bewust te maken hoe we als verpleegkundigen kuddegedrag kunnen vertonen. Dit beperkt de kritische blik op situaties. 

Pieter Roelofs

In de plenaire afsluiting gaf Pieter Roelofs, conservator van het Rijksmuseum, ons een leidende blik in de wereld van de lijdende kunst.